Netbeheerder Stedin meldt dat het aantal hennepkwekerijen dat wordt opgerold in de regio’s Rijnmond, Haaglanden en de provincie Utrecht, daalt. Je zou denken dat dat een goede ontwikkeling is en dat er minder illegale wietteelt plaatsvind in Nederland, maar in de praktijk is dat niet zo. Stedin kan namelijk vertellen dat de telers van wiet zich ontwikkelen in hun vakgebied en veel subtieler te werk gaan, waardoor het verbergen van hun daden makkelijker gaat dan voorheen.
Lastig te vinden
Woordvoerder Koen de Lange noemt bij RTV Rijnmond als voorbeeld teelt die diep weggestopt zit in kelders van woonhuizen. “Buitengewoon lastig te vinden.” Daarnaast is het gereedschap en de benodigde spullen voor een wietplantage flink moderner geworden de afgelopen jaren. Bijvoorbeeld de speciale tenten, waar de wiethokken in worden gebouwd die warmte isoleren, waardoor er ook minder warmte vrijkomt en dat komt de wiettelers vervolgens goed uit in strijd met de warmtecamera’s die de politie inzet om hen te dwarsbomen met hun plannen.
Hennepkwekerijen
Het afstappen van stroom om de teelt te voorzien is ook een hardnekkig probleem. Volgens Stedin treffen monteurs vaak zeer brandgevaarlijke situaties aan. Het risico op oververhitting, kortsluiting en brand is groot, zegt de netbeheerder. Om en nabij 30.000 hennepkwekerijen zijn samen verantwoordelijk voor 60 miljoen euro aan gestolen stroom. De kwekerijen verbruiken 1 miljard kilowatt aan stroom, dat is evenveel als de stad Rotterdam verbruikt. Bron: NOS