Socioloog Don Weenink heeft de mishandelingsvideo van Tommy eens goed geanalyseerd. “De filmpjes van geweld die ik voor mijn onderzoek bekijk, zijn meestal niet zo heftig als deze.”
De onderzoeker van de Universiteit van Amsterdam onderzoekt geweld onder jongeren en heeft al 104 filmpjes met geweld bekeken. Ook bekeek hij de video van Tommy.
“Je ziet in dit filmpje goed hoe de jongen met de krullen toewerkt naar een ritme van geweld. Dat het slachtoffer roept dat zijn neus bloedt en later zegt dat hij niks meer ziet, wekt nog meer agressie op.”
“Wanneer Tommy aangeeft dat hij klaar is met het gevecht, wordt een van de ruzieschoppers kwader, omdat het slachtoffer het gevecht niet afmaakt”, zegt Weenink. De ruzieschopper slaat hem een paar keer met zijn vlakke hand. “Dat wordt steeds erger. Hij werkt zich in een soort tunnel van geweld en komt in een ritme: slaan, roepen, slaan, roepen.”
Omstanders doen niks
De rol van de omstanders is volgens de onderzoeker ook van groot belang. De socioloog denkt dat de jongens wel te stoppen waren. “Maar omdat de omstanders niks doen, integendeel, helpt dat om door te gaan en in die tunnel van geweld terecht te komen.” “Als je slachtoffer wordt van zo’n vechtpartij, moet je je actief tot neutrale toeschouwers wenden. Jongens, help!” roepen kan bijvoorbeeld werken. Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan, want dat gaat natuurlijk in tegen een code van eer en jezelf kunnen redden.”
Wat vinden de inwoners van Spijkenisse er zelf van? Bekijk het hier: